McDonald’s is zoals je ongetwijfeld gezien / gehoord zult hebben met een flinke employer branding campagne bezig. De reclamecampagne laat zien dat werken bij McDonald’s iets is om trots op te zijn en niet om je voor te schamen. De vraag die dat bij mij direct oproept is: “schamen jongeren zich dan om bij McDonald’s te werken?”. Ja, in de Verenigde Staten waar de term McJob zo ingeburgerd is dat dit synoniem is voor banen met en lage status. Maar in Nederland lijkt dit geheel anders te zijn. Wanneer ik de vele fora doorploeg die gaan over werken bij McDonald’s dan ontstaat niet het beeld dat jongeren zich schamen voor werken bij McDonald’s. Sterker nog, de bewuste employer branding campagne krijgt juist kritiek van de doelgroep dat deze averechts werkt. Het beeld van McDonald’s in Nederland blijkt totaal anders te zijn. De meeste kritiek wordt geuit over het salaris (“je verdient minder dan voor vakkenvullen bij Albert Heijn”) en personeelsmanagement (afhankelijk van de franchisenemer).
Lees om te weten wat de doelgroep beweegt en hoe zij McDonald’s zien populair jongerenforum Fok eens door. Dat hebben ze bij McDonald’s duidelijk niet gedaan. Of ze hebben bij McDonald’s een global strategie die laat zien dat dat niet zomaar lokaal door te vertalen is. Of het management bij McDonald’s weet niet wat hun doelgroep bezighoudt. Of er heeft een arbeidsmarktcommunicatiebureau mooie reclames verkocht die geen enkel resultaat zullen opleveren. Zeker als je bedenkt dat een groot deel van de mensen ongetwijfeld direct werkenbijmcdonalds.nl in de browser intikt en vervolgens op deze pagina terechtkomt. Dat is gewoon de verkeerde pagina die suggereert dat er alleen banen in Amsterdam zijn en verder helemaal niet laat zien wat werken bij McDonald’s nu eigenlijk te bieden heeft.
Interessant onderzoek, via Marketingfacts, dat nu eens niet alleen inzoomt op de arbeidsmarkt, maar juist algemeen naar internetgebruik kijkt en daarbij ook “vacatures en solliciteren” meenemen. Het “Trendrapport Computer- en internetgebruik” van Universiteit Twente is een uitgebreid onderzoek naar internetgebruik. In het onderzoeksrapport staan heel veel interessante gegevens, maar mijn ogen dwalen natuurlijk vooral af naar de onderdelen die specifiek interessant zijn voor recruitment. En daarin komt specifiek de interessante vraag naar voren “hoeveel mensen hebben een baan via internet gevonden?”. De stelling “Na een sollicitatie voor een vacature die op een website stond heb ik een baan gekregen” wordt door 19% positief beantwoord. In 2010 was dit 15% en daarmee is het op “vrienden ontmoet” na het sterkst gestegen resultaat.
Circa 1 op de 5 mensen heeft hun baan volgens dit onderzoek dus te danken aan een ‘online vacatureplaatsing’; 4 op de 5 heeft hun baan op andere wijze verkregen. Leuk vergelijk is dat meer mensen een baan via internet hebben verkregen dan een date:
Verder verdeeld naar doelgroep ziet het plaatje er, met volgens mij weinig verrassingen, als volgt uit:
Jongeren, hoger opgeleiden en mensen in hogere beroepen hebben vaker hun baan via een online vacature verkregen. Het hoogste management segment reageert duidelijk minder op vacatures (maar laat zich hunten?).
En hoeveel mensen zoeken vacatures en solliciteren nu via internet. Ook dat is onderzocht en de verdeling daarvan ziet er al volgt uit:
Waarbij voor mij vooral het aantal mensen dat aangeeft nog nooit via internet een vacature gezocht of gesolliciteerd te hebben. Dat betekent echter niet dat solliciteren via internet niet populair is onder werkzoekenden. Het plaatje maakt immers niet inzichtelijk in hoeverre deze n=1200 uberhaupt wel eens on- of offline op zoek is geweest naar een baan.
Jobbird lekt e-mail adressen van klanten
Marketeer Bart Leeffers van Jobbird schaamt zich al hard genoeg, maar Jobbird blijkt een klassieke fout te hebben gemaakt: veel e-mailadressen van klanten zijn in een e-mail in het cc: veld gezet waardoor klanten de e-mailadressen van andere klanten in bezit heeft. Onder die klanten bevinden zich natuurlijk ook salesmensen en de dubieuzere werving en selectiebureaus. Wanneer je als Jobbird klant dus ineens ongewenste mails van werving en selectiebureaus ontvangt, weet je waar het vandaan komt en zou ik ze keihard aangeven bij spamklacht.
Update: het blijkt niet om alle, maar om veel e-mailadressen te gaan. Artikel is hierop aangepast.
Na mijn voorspelling voor het NOA is de definitieve uitslag er nu ook: het NOA 2011. En dat bleek redelijk voorspelbaar, maar blijft toch een historisch moment: het NOA kon het dit jaar niet meer verkopen om printmedia groter te laten zijn dan online media.
Mijn voorspelling:
De uitslag van het NOA:
Wie goed kijkt ziet dat het NOA plaatje in alle opzichten waarschijnlijk net iets schever is.
Maar het blijkt dat ik zelf niet heel goed gekeken heb. Ik had namelijk nog veel meer heel goed kunnen voorspellen! En dan met name het bereik van de dagbladen als orientatiekanaal op de arbeidsmarkt. Er bestaat namelijk zoiets als het NOM, het Nationaal Onderzoek Multimedia. Ja, dat lijkt volkomen op het Nationaal Onderzoek Arbeidsmarkt. En dat is niet alleen omdat Irena Petric daar tegenwoordig directeur is en volgens haar LinkedIn profiel vertrokken is bij het NOA, maar daar natuurlijk nog gewoon (voor)zit.
Wie de bereikcijfers van het NOM en NOA naast elkaar legt ziet dat deze minimaal verschillen. De bereikcijfers van NOA en NOM in een kleine steekproef:
Die twee onderzoeken zitten wel heel dicht bij elkaar. Wanneer de steekproeven genormaliseerd worden, het NOA onderzoekt de beroepsbevolking en het NOM de bevolking vanaf 13 jaar, dan zouden deze beide onderzoeken misschien zelfs exact dezelfde uitslag geven.
Je zou bijna gaan denken dat het dezelfde onderzoeken zijn. Of misschien is dat wel zo. Toevalligerwijs wordt in het NOA gezegd dat er nu voor het eerst met jaarcijfers gewerkt worden, dezelfde periode waarover het NOM loopt. Het zou commercieel natuurlijk interessant zijn om 1 onderzoek uit te voeren en de resultaten aan twee doelgroepen te verkopen in twee afzonderlijke onderzoeken. En buiten dat het voor mij raar voelt kan ik niet echt bedenken wat hier verkeerd aan zou zijn. Buiten dat Irena en NOA nog steeds onterecht roepen dat ze onafhankelijk zijn. En natuurlijk dat het NOA nog steeds nergens op zou slaan. Want wat is nu het verschil tussen het bereik van medium (NOM) en het bereik van een medium als orientatiekanaal op de arbeidsmarkt? Het NOA bevestigt alleen dat iedereen die een krant zegt te lezen deze ook zegt te lezen als hij/zij op zoek is naar een baan.
Cijfers LinkedIn gebruikers Nederland
LinkedIn kent inmiddels meer dan 3 miljoen gebruikers in Nederland. Maar welke (doel)groepen gebruiken LinkedIn als zakelijk netwerk? Om daar het meest volledige beeld van te krijgen heb ik met behulp van LinkedIn’s advertising tool een break-down van de Nederlandse LinkedIn populatie gemaakt. En dat levert interessante inzichten op:
- Mannen zijn sterker vertegenwoordigd dan vrouwen. 62% van de LinkedIn populatie is man.
- Een derde van de LinkedIn gebruikers is werkzaam in de branches ‘corporate’, ‘high tech’ of ‘finance’.
- De meest gedragen functietitel is ‘entrepreneur’, maar liefst 16% van alle Nederlandse LinkedIn gebruikers zegt ondernemer te zijn.
Alle LinkedIn cijfers heb ik in tabellen en diagrammen weergegeven. Hieronder vind je de procentuele verdelingen van LinkedIn gebruikers in Nederland op basis van:
- Geslacht
- Leeftijd
- Senioriteit
- Lokatie
- Branche
- Functie
Jobbird zingt zoals het gebekt is?
Jobbird begint zich iets te hard op de borst te slaan. De nieuwe vacaturesite riep eerder dat dat zij persoonlijk verantwoordelijk is voor de groei van het vacaturevolume in Nederland en nu dat ze Monsterboard van de troon hebben gestoten omdat ze meer vacatures hebben. En dat alles is gebaseerd op twijfelachtige en onbetrouwbare cijfers van Jobfeed / Recruitmentmatters. Terwijl ik Jobbird een mooi initiatief vind, de strijd in de vacaturemarkt erg boeiend en ik Jobbird daarin alle succes toewens krijg ik van dit geroep toch een beetje een nare bijsmaak. Ben ik daar de enige in of is dit iets wat meer mensen ervaren en is dit dus ook gewoon slechte marketing van Jobbird waarmee zij zichzelf niet bepaald geloofwaardig positioneren?
Google maakt de eerste echte stap in vacature search. Nadat Facebook net de eerste stappen in de vacaturemarkt heeft aangekondigd, laat de zoekgigant zojuist weten dat ze ook mensen gaan helpen om vacatures te vinden. Google verzorgt een vacature zoekmachine voor militaire veteranen. In de National Resource Directory kunnen werkzoekenden dankzij Google zoektechnologie vanaf vandaag 500.000 vacatures doorzoeken. Ongetwijfeld een mooi proefballonnetje voor de plannen die Google lijkt te hebben om zich volop op de vacaturesearch te storten.
De techniek die Google voor deze proefballon inzet is niets nieuws; er wordt gebruik gemaakt van een op maat gemaakte zoekmachine met behulp van Google Custom Search. Wel interessant, voor de techies onder ons, is dat Google gebruik maakt van het format voor JobPosting van schema.org. Een interessant schema om zelf dus ook eens mee te experimenteren als je vacatures aanbiedt.
NOA Onderzoek 2011 – de voorspelling
Het is november, de maand waarin de blaadjes van de bomen vallen, snorren weer helemaal hip zijn en de dode-bomen-knuffelaars hun printpromotie voor de arbeidsmarkt weer beginnen met behulp van het NOA onderzoek. Voor wie het niet weet: het NOA (Nationaal Onderzoek Arbeidsmarkt) is een door print-uitgevers gefinancierd bereiksonderzoek dat zegt onafhankelijk te zijn en elk jaar weer als conclusie heeft dat print nog springlevend is. 73% gelooft niet dat Stichting NOA onafhankelijk is en 78% denkt dat het NOA onbetrouwbare cijfers geeft.
Voordat de adverteer-in-print-campagne weer losbarst is het leuk eens proberen te voorspellen welke reclame uitspraken we de komende tijd in de printmedia voorbij zien komen die ons moeten overtuigen budget aan deze zelfde uitgevers te spenderen. Mijn idee van hoe de NOA resultaten 2011 er uit komen te zien en hoe deze tot stand komen:
De vacaturesite met het grootste bereik
Dat kan niet anders dan weer Jobtrack zijn. Online groeit natuurlijk en het bereik van Jobtrack net een beetje meer dan de rest van de vacaturesites.
Print vs Online
Hierover is en wordt gezweet in de NOA redactie. In 2011 nog een keer gaan roepen dat print een belangrijker orientatiekanaal voor werkzoekenden dan internet kan niet meer. Toch? Maar roepen dat internet groter is dan print zijn de participerende uitgevers niet blij mee. Dat is een groot dilemma. De knoop wordt dit jaar eindelijk doorgehakt: internet is een populairder orientatiekanaal dan print. Maar print is natuurlijk nog wel heel belangrijk. Het aandeel is zelfs gegroeid en het verschil is minimaal.
En om print toch nog een belangrijkere positie te geven wordt er een nieuw unique selling point ingebracht: kwaliteit. ‘Latent werkzoekenden’ bekt goed en iemand die niet actief zoekt naar een vacature leest natuurlijk wel een krant. Ja, dat kan er wel in en daarmee kan print verkocht blijven worden:
Binnenkort zullen we zien wat het NOA ons dit jaar echt weer wijs probeert te maken.
“Cisco Connected World Technology Report 2011” is uit (via Twittermania.nl) en dat is, ondanks de kleine en wijdverspreide onderzoeksgroep, interessant leesvoer over de rol en het belang van technologie. Ook voor recruitment, want uit dit onderzoek blijkt ook weer hoe belangrijk social media voor afgestudeerden en young professionals is.
- 2/3e van de studenten zegt te vragen naar het social media beleid tijdens het sollicitatiegesprek
- Meer dan de helft (56%) zegt een baan te weigeren als er geen vrije toegang tot social media is (of zich niet aan het verbod te houden)
- 1/3e vindt social media vrijheid belangrijker dan het salaris
Nederland is weer een vertical rijker: vacaturestream. Een interessante in de overvolle markt, want vacaturestream heeft als unique selling point dat ze geen vacaturesites crawlen, maar alleen vacatures doorzoekbaar maken van bedrijven, werving- & selectie- en uitzendbureaus. Gratis natuurlijk. En dat doen ze binnen 2 weken na lancering goed. Op dit moment zijn er al 40.426 vacatures doorzoekbaar.
Ik werd echter verrast toen ik ontdekte wie de eigenaar van het domein vacaturestream.nl is: Ernst Snijder. Ernst is managing director van vacaturesite Megajobs en dat is natuurlijk interessant. Want daarmee treedt Megajobs in de voetsporen van VNU Media die eerder banen.nl lanceerden. Maar waar banen.nl vooral een salesdriver moet zijn voor Nationalevacaturebank en Intermediair houdt Vacaturestream jobboards buiten de deur.
In een LinkedIn bericht licht Ernst de partnership tussen Megajobs en Vacaturestream toe:
Vacaturestream.nl is ondergebracht bij Snijders & Partners BV, welke ook deelneemt in MegaJobs.
Vacaturestream en MegaJobs concurrenten?
Nee hoor, bedrijven krijgen de mogelijkheid om op MegaJobs diverse producten af te nemen, waaronder de kosteloze (pay off) opname in Vacaturestream onder eigen titel, dus met gecrawlde vacatures.
Het verkeer en performance (ROI) wordt van deze partnersite wordt uiteraard bijgehouden. Dit geeft de gebruiker inzicht in de toegevoegde waarde van beide websites. Daarnaast is vacaturestream een “open medium” waarin bedrijven direct opgenomen kunnen worden. Vacaturestream is nu druk bezig met het bouwen van een betaalde PPC (Pay Per Click) model, vergelijkbaar met Indeed.
Kortom: vacaturestream wordt sterk ondersteund door Megajobs en Ernst Snijder die m.i. met zijn visie en kennis goed de concurrentie aan kan gaan in de overvolle vertical markt. En zeker met banen.nl. Dit wordt er een om in de gaten te houden en, als je werkgever bent, je vacatures aan toe te vertrouwen omdat ze als een van de weinigen zich ook daadwerkelijk om de werkzoekenden lijken te bekommeren.













