Trends in vacatures, recruitmentsites, sociale netwerken, zoekmachines en meer..
Ik ergerde mij altijd mateloos aan zogenaamd ‘leuke’ vragen in sollicitatiegesprekken. Iets dat je vooral tegenkwam bij die sollicitatiegesprekken waarbij mensen bijeengeraapt waren om even een gesprek te houden en in de tijd dat je als sollicitant erg hard best moest doen om je te bewijzen. “Welke positie in het Nederlandse Elftal zou jij innemen?” of “vertel eens een mop”. Erger nog is misschien wel de leidinggevende die met ongekend slecht acteertalent in een rollenspel de meest onwaarschijnlijke situatie bedenkt.
In de basis begrijp ik waarom je dergelijke ‘rare’ vragen stelt. Het laat zien hoe een kandidaat op een bepaalde situatie reageert. Wat je in mijn ogen echter aan tegenovergesteld effect bereikt is dat een kandidaat van zijn/haar stuk raakt en vervolgens ongemakkelijk in het gesprek zit. En dat is nu juist iets dat je volgens mij niet wilt bereiken. Zoals ik al in een eerder artikel aangaf draait het er mijn inziens om om beide partijen open en eerlijk in gesprek met elkaar te laten gaan waarbij ze beiden niet het idee hebben zich beter voor te moeten doen en zodoende elkaar het beste kunnen leren kennen.
Voor een verdergaand psychologisch profiel bestaan wetenschappelijk verwantwoorde tests, assessments en rollenspelen. Amateur-psychologie levert weinig meer op dan uw eigen interpretatie. En waarom zou je die interpretatieruimte in vragen zo ongeloflijk groot maken? Vragen in een sollicitatiegesprek moeten een duidelijk doel hebben en de interpretatie-ruimte zou zo min mogelijk moeten zijn. Hoe vager de vraag, des te meer interpretatie dan ook mogelijk is. Want wat zegt het u nu als iemand zichzelf als libero ziet bij het Nederlands elftal omdat hij die rol ook vervuld op zondag op het voetbalveld?
Hetzelfde vroeg ik mij dan ook af toen ik vandaag las over de schoenentest van Jan Dijkgraaf (hoofdredacteur MT).
Je vraagt de sollicitant de rechterschoen op tafel te zetten (en let op gaten in de sokken). Vervolgens vraag je de sollicitant: “En wat zegt deze schoen nu over jou?” Tijdens het antwoord vraag je: “En de kleur?” En na het antwoord vraag je: “Nee, ik bedoelde de binnenkant”. Leidt tot opmerkelijke en veelzeggende antwoorden…
Wat is het doel van een dergelijke vraag buiten dat je de sollicitant in een verwarrende positie brengt? Jan maakt het zelf in het artikel niet duidelijk. Dat het zoals hij zegt tot opmerkelijke antwoorden leidt kan iedereen zich voorstellen, maar de ‘veelzeggendheid’ die hij aan de antwoorden toekent zal ongetwijfeld een sterk staaltje amateur-psychologie zijn.
Zeker wanneer je zoals ik sterk gelooft in het twee-richtingsverkeer op gelijkwaardig niveau dat dient plaats te vinden. Dat betekent dat je in een goed gesprek niet zo snel tegen vreemde vragen aan zal lopen. Dat bijvoorbeeld in mijn geval 90% van de werkgevers “en wat vindt u zo leuk om voor dit bedrijf te werken?” een verrassende vraag vindt en er geen duidelijkheid over kan geven indiceert dat er geen match is. Een schoenentest zal voor het gevoel van veel kandidaten ook bijdragen aan een niet-match. Want denk nu eens zelf in: een kandidaat vraagt u uw schoenen uit te trekken. Wordt dat een go of een no-go?
Maar misschien heb ik het ook wel bij het verkeerde eind. Welke aparte vragen stel jij en waarom en/of wat is de raarste vraag in een gesprek aan jou gesteld is?
Werving en Recruitment is Digg proof thanks to caching by WP Super Cache
Laatste reacties